Voeding >> Voedingssupplementen
Jodium is nodig voor de vorming van schildklierhormonen die belangrijk zijn voor de groei en de stofwisseling.
Jodium kan van nature voorkomen in zeewater, in aarde en in drinkwater. Via deze wegen komt jodium in voedsel als zeevis en groenten terecht. Ook melk- en melkproducten leveren een bijdrage aan de jodiuminname. In de Warenwet is vastgelegd dat brood en broodvervangers, vleesproducten, keukenzout en keukenzoutvervangers verrijkt mogen zijn met jodium.
In Nederland is geen aanbevolen dagelijkse hoeveelheid voor jodium opgesteld. Daarom houdt het Vitamine Informatie Bureau de Europese richtlijnen aan. In Europa is de aanbevolen dagelijkse hoeveelheid voor volwassenen vastgesteld op 130 microgram per dag. Gedurende de zwangerschap geldt eenzelfde hoeveelheid. Voor vrouwen die borstvoeding geven wordt in Europa een ADH van 160 microgram per dag aangehouden.
De maximaal veilige dosis voor jodium is 600 microgram/dag. Bij de veilige dosis gaat het om een gemiddelde waarde, waarbij een ruime marge is genomen. Dit betekent dat éénmalige of kortdurende overschrijding van de maximaal veilige dosis geen direct gevaar oplevert.
Bij een teveel aan jodium kan de ziekte van Basedow ontstaan, waardoor de schildklier sneller gaat werken. Verschijnselen van deze ziekte zijn slapeloosheid, nervositeit en gebrek aan eetlust.
Bij een tekort aan jodium kan “krop” (struma) ontstaan. Hierbij zwelt de schildklier op. Bij kinderen heeft dit een achterstand in de lichamelijke en geestelijke groei tot gevolg. Bij volwassenen vertragen de reacties, houden de weefsels vocht vast en vermindert het denkvermogen.
Bron: Vitamine Informatiebureau